Vier pootjes aan de grond

Femke Wijnberge-Gorris

Femke Wijnberge-Gorris

Kynologisch instructeur

Alle Artikelen

4 pootjes aan de grond

Met deze oefening willen we de hond op een leuke manier leren om met 4 pootjes aan de grond te blijven en dus niet meer opspringt wanneer de hond erg opgewonden is.

Wat heb je bij deze oefening nodig:

  • per trainingssessie 20 voertjes
  • voertasje
  • een clicker

De training

Een trainingssessie wordt verdeeld in 4 stukken. Volg de volgende stappen:

  1. Neem 5 voertjes in je linkerhand en de clicker in je rechterhand.

  2. Maak nu van beide handen twee vuisten en houd je armen gestrekt voor je uit (voor je borst). Waarom houd jij je arme gesterkt? Wanneer je hond de fout in gaat en gaat springen is de kans groter dat je hond richting je handen gaat springen ipv tegen jou aan.

  3. Je hond is nu voor jou (face to face). Welke houding de hond aanneemt maakt hierbij niet uit (zitten, liggen of staan) zolang je hond maar niet springt. Dat is tenslotte de oefening.

  4. Het kan zijn dat je hond nog helemaal niet reageert op jou en wat jij daar staat te doen. Jij hoeft ook alleen nog maar je armen en vuisten uit te steken en verder blijf je stilstaan. PERFECT! Want dat is juist wat we willen dat je hond gaat leren wanneer je hond deze 2 vuisten ziet. Juist dat hij niks doet. 4 pootjes aan de grond.

  5. Wanneer je hond niks doet terwijl jij je vuisten uitsteekt wacht je 5 seconde en dan click je. Het voertje geef je uit je linkerhand. Deze mag je ook direct uit je linkerhand op de grond laten vallen. Zo voorkom je dat je hond naar je hand springt. Dit herhaal je tot de 5 voertjes uit je hand op zijn.

  6. Wanneer je hond wel naar je hand springt wacht je op het moment dat je hond niet meer springt, probeer dan 1 tel te wachten wanneer je hond met zijn 4 pootjes op de grond is. Blijf hierbij zo stil mogelijk staan. Trek je handen niet weg, wanneer je dat wel doet lok je, doordat jij beweegt, meer beweging uit bij je hond. Zeg verder helemaal niks tegen je hond!

  7. Wanneer de 5 voertjes op zijn houd je een korte pauze. Ga heel even iets anders doen. Dit kan zijn spelen met je hond, voertjes op de grond strooien en je hond laten snuffelen als pauze (gebruik dan andere voertjes dan de 20 afgetelde voertjes voor deze trainingssessie of doe even een paar oefeningetjes die bekend en makkelijk zijn voor je hond.

  8. Begin weer opnieuw met 5 nieuwe voertjes in je linkerhand. Dit keer wacht je 7 seconde tussen de voertjes. als je hond het spelletje nog niet in de gaten heeft houd je het bij die 5 seconde.

  9. Probeer steeds bij een nieuwe ronde 2 seconde langer te wachten met clicken dus, 5 seconde, 7 seconde, 9 seconde etc.

  10. Na de trainingssessie van 20 voertjes, tussen iedere 5 voertjes een korte pauze gehouden, is het klaar voor die dag met het trainen van 4 pootjes aan de grond.

  11. Wanneer je een dag later weer gaat trainen begin je met de eerste 5 voertjes hetzelfde te doen als de laatste trainingssessie. Je blijft zelf stil staan. Als dit goed gaat ga je bij de volgende voertjes meer bewegen met je lichaam terwijl je jouw armen en vuisten stil houd. We proberen op deze manier opwinding uit te lokken bij je hond. Denk hierbij eraan dat je hond niet de fout in hoeft te gaan. Wanneer je hond rustig blijft met 4 pootjes aan de grond is dat juist prima. Als je hond de fout in gaat en springt, wacht je tot je hond weer met 4 pootjes op de grond is. Gaat je hond nu steeds eerst springen en daarna pas met 4 pootjes aan de grond onderbreek je de trainingssessie en ga je even wat anders doen.

  12. De volgende stap is tijdens het bewegen ook geluid gaan maken om evt meer opwinding uit te lokken. Iedere dag dat je deze oefening gaat training begin je waar je de laatste keer mee afgesloten hebt.

  13. Wanneer dit allemaal goed gaat, ga je het toepassen wanneer je thuis komt (vanuit gaand dat je hond dan opgewonden is en gaat springen). Zorg dus dat je al voertjes en een clicker opzak hebt voordat je binnenkomt. Dit doe je dan niet in een trainingssessie van 20 voertjes, maar je kan gaan kijken of je hond deze oefening nu begrijpt. Zorg dat je minimaal 3 trainingssessie hebt afgerond en dat je hond de oefening 80% van de tijd foutloos heeft gedaan voordat je gaat kijken of je hond de oefening ook begrijpt in een opgewonden situatie. Begrijpt je hond de oefening in deze opgewonden situatie? Ga dan verder naar de volgende stap. Begrijpt je hond de oefening nog niet? Ga dan terug in je training. Je hond begrijp de oefening nog niet voldoende en je zult wat langer de voorgaande stappen moeten oefenen.

  14. Nu kan je andere personen de oefening 4 pootjes aan de grond laten doen. Bij kleinere kinderen is het advies om samen het trainingsplan te doorlopen (je laat het kind het hele trainingsplan zelf doen) voordat je een kind de vuisten laat maken in opgewonden situaties. Mensen (visite) vinden het trouwens altijd heel leuk als ze zien dat die vuisten werken. Alsof ze kunnen toveren. Wanneer deze personen de vuisten laten zien heb jij de mogelijkheid om even wat lekkers voor je hond te pakken om hem te belonen. Tip vertel het visite voordat ze binnenkomen wat ze moeten doen en niet wanneer de hond al tegen ze aan springt. Je wilt graag dat je hond geen succes meer heeft met opspringen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *